Samenvatting
De besparing in miljoenen euro's:
Bij een aantal posten is sprake van forse onzekerheden en aannames:
Als de meest arbitraire aannames (zoals hierboven beschreven) buiten beschouwing worden gelaten of juist volledig worden doorgevoerd, ontstaat er een bandbreedte. De minimale besparing bedraagt dan 2,901 miljard euro en de maximale besparing loopt op tot 5,999 miljard euro.
Deze besparing is bovendien niet van vandaag op morgen te realiseren. De juridische en organisatorische processen rondom het overtollig worden van personeel, de verkoop van vastgoed en het ontbinden van langlopende ICT-contracten nemen al snel vele maanden in beslag. De feitelijke realisatie zal daardoor een kwestie van de lange adem zijn, mogelijk meer dan een jaar.
Die transitietijd is ook hard nodig: er zal immers eerst een operationele Dienst Basisinkomen moeten staan voordat de huidige activiteiten definitief kunnen worden gestaakt. In de begroting moet dus rekening worden gehouden met aanloopkosten, waarbij de opbouw van het nieuwe stelsel en de afbouw van het oude stelsel tijdelijk parallel lopen.
| Organisatie | Besparing |
| Dienst Toeslagen | 1.983 |
| Gemeentes | 1.097 |
| UWV | 770 |
| SVB | 400 |
| DUO | 200 |
| Dienst Basisinkomen | -500 |
| Totaal | 4.450 |
- Dienst Toeslagen: in 2025 zat er 1.818 miljoen euro in 'eenmalige' posten, waarbij die eenmaligheid in de praktijk niet altijd gegarandeerd is en bepaalde posten nog jaren kunnen doorlopen. Daarom is 50% van dit bedrag als structurele besparing opgenomen.
- Gemeenten: er is 600 miljoen euro bewust niét als besparing op de Participatiewet (bijstand) opgenomen, omdat dit bedrag nagenoeg volledig wordt besteed aan begeleiding en activering. Deze taak blijft bij de invoering van een Basisinkomen waarschijnlijk gewoon bestaan, vergelijkbaar met een vorm van 'Volwassenenzorg' (analoog aan de Jeugdzorg).
- UWV: er wordt van uitgegaan dat bij de invoering van het Basisinkomen de WW-regeling blijft bestaan.
- SVB: deze bedragen zijn rechtstreeks overgenomen uit een betrouwbare bron en zijn daardoor solide te onderbouwen.
- DUO: bij een gebrek aan openbare bronnen zijn hier met behulp van AI-modellen forse aannames gedaan. Daarnaast is slechts de helft van de besparing op de inning meegenomen (40 miljoen in plaats van 80 miljoen euro), omdat deze processen wellicht nog langer doorlopen.
- Dienst Basisinkomen: dit betreft de nieuw op te richten dienst (inclusief personeel, huisvesting, ict, etc.) voor de feitelijke uitbetaling van het Basisinkomen. Hoewel hier geen harde bronnen voor beschikbaar waren, kon op basis van de uitvoeringskosten van de AOW en inschattingen van AI een reële schatting worden gemaakt. Een marge van 100 miljoen euro meer of minder blijft hierbij echter goed mogelijk.
Als de meest arbitraire aannames (zoals hierboven beschreven) buiten beschouwing worden gelaten of juist volledig worden doorgevoerd, ontstaat er een bandbreedte. De minimale besparing bedraagt dan 2,901 miljard euro en de maximale besparing loopt op tot 5,999 miljard euro.
Deze besparing is bovendien niet van vandaag op morgen te realiseren. De juridische en organisatorische processen rondom het overtollig worden van personeel, de verkoop van vastgoed en het ontbinden van langlopende ICT-contracten nemen al snel vele maanden in beslag. De feitelijke realisatie zal daardoor een kwestie van de lange adem zijn, mogelijk meer dan een jaar.
Die transitietijd is ook hard nodig: er zal immers eerst een operationele Dienst Basisinkomen moeten staan voordat de huidige activiteiten definitief kunnen worden gestaakt. In de begroting moet dus rekening worden gehouden met aanloopkosten, waarbij de opbouw van het nieuwe stelsel en de afbouw van het oude stelsel tijdelijk parallel lopen.
Inleiding
Methode van berekening
Dienst Toeslagen
Gemeentes
UWV
SVB
DUO
Dienst Basisinkomen